A A A A A
Nederlandse Bijbel NBG 1951

Psalmen 48

1

  Een lied. Een psalm van de Korachieten.

2

  Groot is de HERE en hoog te loven in de stad van onze God zijn heilige berg.

3

  Schoon door zijn verhevenheid, een vreugde voor de ganse aarde is de berg Sion, ver in het noorden, de stad van de grote Koning.

4

  God doet in haar paleizen Zich kennen als een burcht.

5

  Want zie, koningen kwamen bijeen, zij trokken gezamenlijk op;

6

  zodra zij het zagen, stonden zij ontzet, werden verschrikt, vluchtten weg.

7

  Beving greep hen daar aan, smart als van een die baart.

8

  Door de oostenwind verbreekt Gij de schepen van Tarsis.

9

  Gelijk wij gehoord hadden, zo zagen wij het, in de stad van de HERE der heerscharen, in de stad van onze God. God bevestigt haar voor altoos. sela

10

  Wij gedenken, o God, uw goedertierenheid in het midden van uw tempel.

11

  Gelijk uw naam, o God, zo is uw lof tot aan de einden der aarde; uw rechterhand is vol van gerechtigheid.

12

  Laat de berg Sion zich verheugen; laten de dochters van Juda juichen om uw gerichten.

13

  Gaat rondom Sion en trekt eromheen, telt haar torens,

14

  richt uw aandacht op haar voormuur, doorwandelt haar paleizen, opdat gij het aan het volgende geslacht kunt vertellen:

15

  Waarlijk, zo is God, onze God, voor eeuwig en altoos; tot de dood toe zal Hij ons leiden.

Dutch NBG Bible 1951
Public Domain 1951