A A A A A
Nederlandse Bijbel NBG 1951

Psalmen 127



1

  Een bedevaartslied. Van Salomo. Als de HERE het huis niet bouwt, tevergeefs zwoegen de bouwlieden daaraan; als de HERE de stad niet bewaart, tevergeefs waakt de wachter.

2

  Het is voor u tevergeefs, dat gij vroeg opstaat, laat opblijft, brood der smarten eet – Hij geeft het immers zijn beminden in de slaap.

3

  Zie, zonen zijn een erfdeel des HEREN, een beloning is de vrucht van de schoot.

4

  Als pijlen in de hand van een held, zo zijn de zonen der jeugd.

5

  Welzalig de man die zijn pijlkoker met deze heeft gevuld. Zij worden niet beschaamd, als zij spreken met de vijanden in de poort.

Polish Bible Gdansk 1881-1910
Public Domain: Polish Gdansk 1881-1910